Verzekeringsgeneeskundig protocol chronische nierschade
Het verzekeringsgeneeskundig protocol chronische nierschade is bedoeld als een handreiking aan verzekeringsartsen die te maken krijgen met het beoordelen van verzekerden met chronische nierschade. Het bestaat uit twee delen; het eerste deel beschrijft de verzameling van relevante gegevens die de verzekeringsarts voor zijn beoordeling nodig heeft. In het tweede deel worden de vier beoordelingstaken besproken die de verzekeringsarts bij een verzekerde met chronische nierschade -twee jaar na het begin van het ziekteverzuim- moet vervullen.
Voorgeschiedenis
Verlies van arbeidsvermogen is bij patiënten met een chronische nierinsufficiëntie (CNI) een groot probleem. Slechts 35% van de dialyse- en 50% van de transplantatiepatiënten heeft een betaalde baan. Daarnaast zijn deze patiënten door het ontbreken van een goed beoordelingskader vaak moeilijker te reïntegreren.
Daarom heeft de NVN het HMi eind 2007 gevraagd ondersteuning te bieden bij het ontwikkelen van een multidisciplinaire richtlijn (MDR) voor de beoordeling van arbeids(on)geschiktheid van nierpatiënten. Hiervoor werd een multidisciplinaire werkgroep in het leven geroepen, waarin behalve nierpatiënten ook arbeidsdeskundigen van de NVN, bedrijfsartsen, verzekeringsartsen, maatschappelijk werkers en nefrologen vertegenwoordigd waren. Een subsidieaanvraag hiervoor bij ZonMW werd helaas afgewezen. Toch bleken alle inspanningen niet voor niets te zijn geweest.
Vanuit de Nederlandse Vereniging voor Verzekeringsgeneeskundigen (NVVG) werd het initiatief genomen tot de ontwikkeling van een verzekeringsgeneeskundig protocol nierziekten. Het ministerie van Sociale Zekerheid & Werkgelegenheid (SZW) financierde dit initiatief. De meeste deelnemers van bovengenoemde multidisciplinaire werkgroep zijn vervolgens bij het ontwikkelen van dit protocol betrokken geweest. Het HMi leverde een onafhankelijke voorzitter (dr. E.W. (Els) Boeschoten); vanuit het ministerie van SWZ werd het project geleid door drs. A.H.J.M.(Arthur) Sterk.
Werkwijze
Bij aanvang van het project heeft de werkgroep een aantal knelpunten gedefinieerd die bij de verzekeringsgeneeskundige beoordeling van chronische nierschade een rol kunnen spelen. Naar deze knelpunten is vervolgens uitgebreid literatuuronderzoek gedaan, waarbij de werkgroep gebruik maakte van een viertal uitgangsvragen:
• Hoe kan vermoeidheid bij chronische nierschade worden beoordeeld en geobjectiveerd?
• Hoe moet worden omgegaan met onregelmatige werktijden en chronische nierschade?
• Wat zijn de specifieke beperkingen in functioneren voor mensen met (a) chronische nierschade (b) nierfunctievervangende therapie (hemodialyse/peritoneale dialyse) en (c) een niertransplantaat?
• Welke interventies bij chronische nierschade hebben een gunstig effect op de belastbaarheid?
‘Kracht van wet’
Het protocol is bedoeld voor verzekeringsartsen en zal naar verwachting begin 2010 bekend gemaakt worden via publicatie in de Staatscourant. Het heeft dan ' kracht van wet'. Het zal daarna te downloaden zijn via de site van de NVVG (
www.nvvg.nl) en komt ook op de site van de NVAB (
www.nvab-online.nl). Een
conceptversie is nu reeds beschikbaar via de website van het Hans Mak Instituut.